Posts tonen met het label Slachtofferhulp Nederland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Slachtofferhulp Nederland. Alle posts tonen

woensdag, september 28, 2022

europa voorstellen slachtoffers sexueel misbruik/kinderen/ kwetsbare mensen

Artikel 7 -- Recht op slachtofferhulp Dit artikel moet ervoor zorgen dat het slachtoffer toegang heeft tot slachtofferhulp waarbij hem informatie en advies, emotionele en psychologische steun en praktische bijstand worden geboden, wat vaak van cruciaal belang is voor zijn herstel en hem helpt het misdrijf te verwerken en om te gaan met de stress die een strafprocedure meebrengt.

Er moet zo snel mogelijk hulp worden geboden nadat het misdrijf is gepleegd, ongeacht of het aangegeven is. Die hulp kan bijzonder belangrijk zijn voor de beslissing van een slachtoffer om het misdrijf aan te geven. Ook kan het slachtoffer hulp nodig hebben in de loop van de procedure en op de lange termijn. Hulp kan worden geboden door gouvernementele of niet-gouvernementele organisaties en mag niet afhangen van overdreven procedures en formaliteiten waardoor de toegang tot die diensten belemmerd wordt. Hulp kan op verschillende manieren worden geboden: in persoonlijke gesprekken, telefonisch of met behulp van andere telecommunicatiemiddelen om hulp op zoveel mogelijk plaatsen ter beschikking te stellen. Bepaalde groepen slachtoffers, waaronder slachtoffers van seksueel geweld, slachtoffers van haatmisdrijven op grond van bijvoorbeeld geslacht of ras, of slachtoffers van terrorisme, hebben vaak gespecialiseerde hulp nodig vanwege de specifieke kenmerken van het misdrijf waarvan zij het slachtoffer zijn geworden. Voor zover mogelijk moet die hulp worden geboden.

Hoewel het verstrekken van hulp niet mag afhangen van het feit of het slachtoffer in verband met het misdrijf klacht indient bij de politie of andere bevoegde autoriteiten, zijn die autoriteiten vaak het best in staat om het slachtoffer over de bestaande hulp te informeren. De lidstaten worden daarom aangemoedigd om een kader te scheppen voor de doorverwijzing van slachtoffers naar diensten voor slachtofferhulp, onder meer door ervoor te zorgen dat de gegevensbescherming gegarandeerd is.

Artikel 8 -- Recht van het slachtoffer om een bevestiging te krijgen van zijn klacht Dit artikel moet ervoor zorgen dat wanneer een persoon een klacht in verband met een misdrijf indient, het slachtoffer een officiële bevestiging krijgt waarnaar hij bij contacten in de toekomst kan verwijzen.

Artikel 9 -- Recht te worden gehoord Dit artikel moet ervoor zorgen dat het slachtoffer in de loop van de strafprocedure de gelegenheid krijgt verdere informatie en ideeën aan te brengen of bewijselementen aan te dragen. De precieze draagwijdte van dit recht wordt geregeld door het nationale recht en kan variëren van een basisrecht op communicatie met en het aanbrengen van bewijs bij een bevoegde autoriteit tot meer uitgebreide rechten, zoals het recht bewijs in te dienen, het recht ervoor te zorgen dat bepaald bewijs wordt verzameld of het recht in de loop van het strafproces tussen te komen.

Artikel 10 -- Rechten in geval van een beslissing tot niet-vervolging Dit artikel moet ervoor zorgen dat het slachtoffer kan controleren dat de geldende procedures en regels zijn nageleefd en dat er een correcte beslissing is genomen om een vervolging ten aanzien van een bepaalde persoon te beëindigen. De precieze mechanismen voor het aantekenen van beroep worden geregeld door het nationale recht. Wel moet minimaal over het beroep worden beslist door een andere persoon of autoriteit dan die welke de beslissing van niet-vervolging heeft genomen.

Artikel 11 -- Recht op waarborgen in het kader van bemiddeling en andere vormen van herstelrecht

Herstelrecht omvat diverse diensten die worden verleend in samenhang met of voorafgaand aan, parallel met of na de strafprocedure. Zij worden verstrekt voor bepaalde misdrijven of alleen voor volwassen of minderjarige daders en omvatten bijvoorbeeld bemiddeling tussen het slachtoffer en de dader, family group conferences en sentencing circles.

Dit artikel moet ervoor zorgen dat bij het verlenen van dergelijke diensten wordt gewaarborgd dat het slachtoffer daardoor niet opnieuw gevictimiseerd wordt. Daarom moet er bij herstelrechtelijke activiteiten in de eerste plaats rekening worden gehouden met de belangen en de behoeften van het slachtoffer en erop worden toegezien dat de schade van het slachtoffer wordt vergoed en verdere schade wordt voorkomen. De deelname van het slachtoffer moet vrijwillig zijn, wat meteen impliceert dat het slachtoffer voldoende kennis moet hebben van de risico's en de voordelen om een geïnformeerde beslissing te kunnen nemen. Dit betekent ook dat rekening moet worden gehouden met factoren, zoals een machtsongelijkheid, de leeftijd, de maturiteit of de intellectuele vermogens van het slachtoffer, die zijn vermogen om een geïnformeerde keuze te maken, kunnen beperken of verminderen of die ertoe kunnen leiden dat het resultaat voor hem niet positief is, wanneer een zaak wordt doorverwezen voor herstelrecht en bij de afwikkeling van het herstelrechtelijk proces. Hoewel privégesprekken in het algemeen vertrouwelijk zijn, tenzij de partijen anders overeengekomen zijn, kan het toch in het openbaar belang zijn om factoren als bedreigingen die in de loop van het proces zijn geuit, bekend te maken. Uiteindelijk moet elke overeenkomst tussen de partijen vrijwillig tot stand komen.

malta

Artikel 23 Recht op bescherming van het privéleven

  • 1.
    De lidstaten zorgen ervoor dat de gerechtelijke autoriteiten tijdens het strafproces de nodige maatregelen kunnen treffen om het privéleven en de fotografische afbeeldingen van het slachtoffer en zijn familieleden te beschermen.
  • 2.
    De lidstaten moedigen de media aan zelfregulerende maatregelen toe te passen met het oog op de bescherming van het privéleven, de persoonlijke integriteit en de persoonsgegevens van slachtoffers.

dinsdag, november 16, 2021

Knuffels in Haarlemmerstraat

Met 865 knuffels in de Haarlemmerstraat vraagt stichting Impact Makers aandacht voor het bespreekbaar maken van seksueel misbruik van kinderen. Elke knuffel representeert een kind dat in 2020 is misbruikt.

 Het monument bestaat uit knuffels die in klossen van tien opgehangen zijn in de Haarlemmerstraat. Elke klos bestaat uit negen knuffels van dezelfde kleur en één knuffel van een andere kleur. Dit representeert de verhouding van 1 op de 10 kinderen die in 2020 slachtoffer waren van seksueel misbruik. In 85 procent van de gevallen is de dader iemand die het kind goed kent.

Deze cijfers laten zien dat bij veel mensen wel iemand in de omgeving rondloopt die hiermee te maken heeft, maar toch wordt er zelden over gepraat. “Mensen bedenken excuses om niet over kindermisbruik te hoeven praten,”  zegt zakelijk leider van Impact Makers, een stichting die dit bespreekbaar wil maken. Volgens de stichting wordt de drempel voor slachtoffers om over misbruik te praten pas verlaagd als het onderwerp geen taboe meer is en niet meer door wordt vermeden.

KLIK

Erkenning



De verspreiding van de knuffels door de straat laat de grootte van het probleem zien, legt Born uit, en is een erkenning van alle misbruikte kinderen die niet gehoord worden. “Je komt onderweg steeds meer ‘gevallen van misbruik’ tegen, totdat je er niet meer omheen kan.”

Stichting Impact Makers sprak bovendien met ruim tweehonderd mensen over hun ongemak om over kindermisbruik te praten aan de hand van fragmenten uit Buiten is het feest, een film over een zangeres die vroeger is misbruikt door haar stiefvader. Born: “Tijdens die gesprekken zeiden mensen dat ze bijna niet konden geloven dat kindermisbruik op zo’n grote schaal plaatsvindt en dat iemand in staat is om zoiets verschrikkelijks te doen.”


In de Posthoornkerk op 18 november wordt onder leiding van Karin Bloemen verder gesproken hierover. Haar persoonlijke ervaringen als slachtoffer van kindermisbruik waren inspiratie voor de film.

KLIK

Het tijdelijke monument in de Haarlemmerstraat werd gemaakt in samenwerking met het programma Geweld hoort nergens thuis, Team-kim en RinkelFilm voor de Week tegen Kindermisbruik, die duurt tot 21 november.

donderdag, april 15, 2021

Rue de Rome

 








't katje van Margot op Gare Saint-Lazare,vanuit de meidenslaapzaal

Saint Nicolas, permettez moi
de vous chantez a cet instant
vous avez bien quittez l'Espagne
pour réjouir nos coeurs si desirants
des petits cadeaux ...

Monique Berger,
Rue de Rome

"Pour une Hollandaise qui aime Jacques Prevert.... "


zusters Goede Herder Australie



soveel verwonding vir waarheid
soveel verwoesting
so min het oorgebly vir oorlewing
.....


maar as die oue nie skuldig is nie
nie skuld bely nie
kan die nuwe natuurlik ook nie skuldig wees nie
en nooit voor stok gekry word
as hy die oue herhaal nie
alles begin dus van voor af aan
dié slag anders ingekleur

Antjie Krog




klik


    
Erfdeel de Voorzienigheid
14 voor Halloweentemplate groepsaktiviteiten

woensdag, oktober 21, 2020

Dank u vooor de blommen; evacuatiebericht voor Heemstede-bewoners

         

                              



bron

[.....]

mensen hebben het recht om tot een familie te behoren. Zij zijn kinderen van God. Niemand zou uit een familie gezet mogen worden of daarom ongelukkig gemaakt worden.

[.....]

plus

5 stompzinnige wijven en hun respectievelijke banken

1 dame die de hersens had om mij op mijn vessie te spugen maar naliet 4 van die 5 te vragen of ze helemaal van de ratten besnuffeld waren

1 vriendelijke vent

plus 1 dame die slechts 7 woorden sprak en wel bij het obligatoire handjegeven voor aanvang op mijn stompzinnnige gewoonte bij opperste verbazing acuut een vraag uit mijn mond te laten rollen, maar dat was dan ook geen jurist maar een nicht.die nog een vent -alvorens hij raadslid werd -  op een vessie-aanreikende plaats op tafel legde 

plus 3 dekens waarvan er slechts 1 - danzij de strik op zijn buik - dankzij schnabbelende advocaten er iets toe deed of had gedaan 

plus een zooitje grafmonomenten, waarvan er maar één op een VN wereldlijst staat maar er 6 bij Het Kanaal horen




 

woensdag, augustus 05, 2020

a oliveira da joaninha


 




en aangezien het lijkenhuisje in de tuin achter de keukens ook in de vakanties gevuld werd



moest niet slechts het huis van de boekhouder van het Anthonius 
 danwel Josef en Maria of

 
 de Klasse worden schoongehouden 

 



zondag, juni 14, 2020

Beschuit met muisjes: ‘Misschien had je honger en was er niets anders voorhanden op de afdeling?’ Zuster Angeli [81] AD 2020



Ellen van Ree was zestien jaar en een ‘kind van haar tijd, met hippe kleren en blonde piekharen’ toen ze zwanger werd in 1967. Haar ouders wilden er niets van weten en stuurden haar naar de Paulastichting in Oosterbeek. Daar zat Ellen met zo'n 29 andere ongehuwde meisjes te wachten op de bevalling. De helft stond het kind af ter adoptie. Ook Ellen's ouders wilden niet dat ze het hield. 

Dank je wel, Ellen, voor het uitspreken van die vraag en het antwoord - 50 jaar later van een toen dus 31 jarige non - die wij dank zij jou nu allemaal kunnen lezen en daarmee al die andere zinnen en al dat geouwehoer van al die jaren mede overbodig heeft gemaakt. 




Ellen heeft [2020]nog wel een andere vraag: ‘Waarom kreeg ik beschuit met muisjes na de bevalling?
 ‘Misschien had je honger en was er niets anders voorhanden op de afdeling?’




Dank je wel!

Angeli spreekt de zin uit die Bonefatio precies zo had uit kunnen spreken, de vlaflip die maakte dat ik trots op haar van haar hield, die zin die maakte dat zij - nadat ik die avond de groep ben uit gelopen en - zonder te kloppen en zonder naar binnen te gaan  - het in mijn hersen haalde de Mammoedt die krankzinnige vraag stelde : "Zuster, wilt u even komen?"en Germana haar audiëntie aan God onderbrak

mij zonder duiding in haar kamer achterliet met een pers en twee glaasjes, de een met Almdudlec i.p.v. Rivella  de ander met een paar sigaretten - maar geen schoteltje reerug - om niet te  doen wat ik haar vroeg: bel mijn voogdes maar, laat ze me maar komen halen, maar dáár ga ik  niet meer naar terug

Het was die zin die ik uitsprak toen ik aanbelde en Bonefatio opendeed al verwoordde ik dat met: het spijt mij, Zuster, ik kom mijn spullen halen
maar het was ook die zin waarvan Bertie -  in het kielzog van Theresino's onderhandelingstriomfmars  - was het 20jaar later? wist - die Bonefatio al die jaren daarna niet meer uitsprak  toen ik daar met mijn nachtgoed, mijn dagboek en mijn schoolspullen vervolgens bij haar aanbelde toen Theresino mij mijn eesrte kamer bij haar aanwees die niet uitgesproken woorden die Bertie zich herinnerde maar ik niet had kunnen geloven in dat telefoongesprek die laatste avond vóór die Driehuis-reunie toen zij duidelijk maakte dat  de Mammoedt weigerde te komen en ons gesprek dus even moest worden onderbroken

Het was die zin waarmee die Mammoedt duidelijk maakte Germana te zijn en al die woorden die zij verwachhte te zullen horen daar en dus om redenen van een audientie verhinderd wenste te zijn te komen i.t.t. de - vooronderstelde - verafschuwde korte broek waarin haar opvolger zich bij zijn sollicitatiegesprek - en nog zo  wat huwelijken- had gemeld 

Het was haar en mijn laatste gesprek daar in en met die tweede bungalow daar aan dat spoor van de zeven dochters die moeder had en allen Maria heetten, behalve Ellen met de mooie ogen en Germana heetten. Famke was al dood, zoals ze zelf had gezegd dat zou gaan. Ik bleef in Amsterdam, zij vertrok, maar op haar begrafenis sprak ik dat laatste woord, waar zij kennelijk zo ongelukkig mee was dat zij zich terugtrok in het Slot om in Heemstede alsnog op een steen te worden bijgeschreven zonder ooit een slot te hebben gezien: zij zag alleen Ubalda - die het oudrose gevolgd door het zachtgroen  had overgeslagen - en diens verwarring  toen zij mij aan haar voorstelde en ik weliswaar perplex maar niet stomverbaasd naar die hand die voor de tweede keer van haar kreeg keek : Ubalde kende mij niet [meer]maar ik haar hand wel! Die had ik ooit op mijn hoofd gehad en is daar jaren blijven liggen, ook toen ik al lang niet meer op mede-háár ziekenzaal lag in mijn eerste quarantaine en ik,  één avond die hand, Ubalda's hand, had gekregen en ik bij die trotse rondgang door de verbouwingen eindigend in haar convent met haar--- hoe heet zo iemand? conventgenoote -  namen en handen wisselden en ik mijn ogen gebruikte om wat mijn oren toen hoorde omdat ik op dat moment wél kon luisteren en zo haar naam verstond en wist wat mijn tong haar liet weten: wat heeft U kleine handen! 

't Is goed te weten dat zij en Germana een steen delen, hoewel ik wens te betwijfelen of die nieuwe bisschop van Haarlem daar ook niet nog 's een keer aan dat onderonsje zijn gewicht tegen aan wenst te gooien om zo Petrus zijn directieven te laten horen: maak een eind aan dat mogelik gemaakte derde concilie, daar in die kuil! en zo zijn eigen graf [ opdracht: kent Uw Plaats] wel graaft, moge Petrus hem begiftigen met een ellepijp van Jeroen.


dinsdag, januari 14, 2020

Dwang en Zorg: Aanbevelingen Commissie De Winter

10- 1-2020
Geachte heer/mevrouw,

Hierbij nodigen wij u van harte uit voor een tweede lotgenotenbijeenkomst op vrijdagmiddag 21 februari 2020 in Utrecht. De exacte locatie staat nog niet vast, deze wordt later bekend gemaakt.

Programma
Het programma wordt samengesteld in samenwerking met lotgenoten(organisaties). Naast gelegenheid om elkaar te ontmoeten en met elkaar te praten zal tijdens deze middag ook de uitwerking van de aanbevelingen van de Commissie De Winter aan de aanwezigen worden gepresenteerd. Dit gebeurt door ministers Hugo de Jonge (VWS) en Sander Dekker (Rechtsbescherming). De uitwerking wordt na afloop van de bijeenkomst aan de Tweede Kamer gestuurd. De verdere invulling van het programma wordt in de nieuwsbrief van eind januari bekend gemaakt.

Aanmelden
Het programma begint om ongeveer 15 uur en eindigt rond 18.30 uur. U kunt zich nu al aanmelden voor deze bijeenkomst door een mail te sturen aan onze dienstpostbus (_dienstpostbusDJ-projectteamODW@minvws.nl) onder vermelding van uw voor- en achternaam, dieetwensen, het eventueel meenemen van een begeleider (mindervaliden of blinden) of behoefte aan een doventolk. Reiskosten zijn voor eigen rekening.

De volgende nieuwsbrief van het Projectteam Opvolging Aanbevelingen Commissie De Winter kunt u verwachten tweede helft van januari met daarin onder andere aandacht voor de gesprekken met branches, het programma van 21 februari en een overzicht van de veel gestelde vragen.

We zien uw aanmelding graag tegemoet.

Met vriendelijke groet,
Projectteam Opvolging Aanbevelingen Commissie De Winter

donderdag, augustus 15, 2019

Wilt U vóór 15 september reageren? Tot aan mijn ter hemel opneming zowel als op mijn grafsteen aan toe *


Motto: Verborgen Verleden het barst weer 's van de preventie: 
























PAK JE CANON EN DOE JE PLICHT





* deetje weetje zetje: 


- vervloekingen dienen dan ook door Petrus aan de bron(nen) op zowel autorisatie als leugens  gecontroleerd te worden,

- welk aards recht na mijn Opneming met inachtneming van de Wet op de Privacy en bijbehorende regelgeving en protocollen anno heden slechts aan mijn kinderen als mijn universeel wettelijke erfgenamen toevalt; waarbij zij in deze niet vertegenwoordigd kunnen, mogen noch zullen door een ander dan een in erfenissen [conform mijn nationaliteit geautoriseerde]  wettelijk daartoe opgeleidde en benoemd Juridisch Functionaris.

- voor  zover datgene wat er staat onder het tweede gedachtenstreepje géén juridisch correct antwoord is dient dit dan ook opgevat te worden conform het Principe van het Simpel Boeren Fatsoen bij  overlijden: in geval van twijfel handel dan mbt. de Persoon zowel als mbt. diens Kinderen tenminste in de geest van de overledene!.

Een ieder die hieruit mijn afkeer tot aan op deelterreinen mijn diepste walging  mbt. veel van de door mij opgedane ervaringen [en mijn deels verkregen inzichten] in de afgelopen 9 jaar van de onderzoeken annex de daarmee gepaard gaande en overige  paralerlle maatschappelijke ontwikkelingen en discussies in Nederland waarvan ook ik deel heb uitgemaakt - maar zeker niet pas sinds 2010! - als één van de gevolgen van het overlijden van mijn beide ouders en mijn afhankelijkheid van de {Nederlandse] [ RK Kinderbescherming/] Zorg  die daar het gevolg van was en is - voor mij en mijn kinderen - óók deze (en heel wat meer dan die 9 jaar önderzoeken] leest, is een goed verstaander!


Waarop de Commissie de Winter wat mij betreft uitzonderlijk was, waarvoor ik - op dit moment meerdere redenen zie. Dat is zeker aan (de personen en de medewerkers van) deze Commissie  en haar werkwijze te danken, als aan het feit dat de wereld - de goden zij gedankt en geprezen - groter is dan Nederland en dat  is kunnen worden ook in deze 9 jaar.
Maar vooral dankzij het feit dat mijn kinderen mijn kinderen zijn, de kleinkinderen van ook mijn ouders!
En ik, naast heel veel anderen, ook een mammoedt had!         

Zij allen waren wat mij betreft het-val-maar dood gif bestendig!!



karavaanserial de Fransche Tuin
je gaat er door de ene deur in en gaat er door de andere
weer uit. 
Of dat voor mijn kinderen zo is?
Zij zijn zelf hun eigen en elkaars archieven
De rest hebben ze zelf in de hand.

Waarvoor mijn hartgrondige dank aan iedere val-maar-dood-gifbestendige[n] die dat mede mogelijk heeft [hebben] gemaakt ! Jullie waren nodig.



dinsdag, juli 16, 2019

Dank U voor deze nieuwe morgen dank U voor elke nieuwe dag: Schadefonds had „met de kennis van nu” ervoor gepleit de regelingen anders in te richten. De Groot: „Eén regeling, eenvoudiger van opzet, en kijken hoe je de aanvrager kan helpen met het vergaren van bewijs.”



NRC

Freek Schravesande en  Anne-Martijn van der Kaaden





 Onder toezicht van Jeugdzorg werd ze slachtoffer van misbruik, nu klaagt ze de Staat aan
J..... is een van de honderden aanvragers die genoegdoening wilde voor misbruik in de tijd dat ze als kind onder Jeugdzorg viel. Acht jaar later klaagt ze de Staat aan. 
„Het is mijn taak dit tot het einde uit te zitten.”

Dank U voor deze nieuwe morgen

dank U voor elke nieuwe dag

dank U dat ik met al mijn zorgen

bij U komen mag

Ze zong ’t liedje bij bijzondere gelegenheden. In de kapel ten overstaan van de nonnen. Of op het pleintje bij het tehuis tijdens de sinterklaasviering, waar ze uit handen van de burgemeester een sinaasappel en wat pepernoten kreeg. Gelegenheden die bij de 14-jarige J.......het gevoel bestendigden dat ze dankbaar moest zijn. Dankbaar dat zíj, regeringskind, weggehaald bij haar moeder en afgestaan door haar vader, mocht bestaan. Dat er een overheid was die voor haar wilde zorgen. Want ze deed er niet toe.

Als tweejarige werd de Rotterdamse J........  uit huis geplaatst. In het Achterhoekse pleeggezin waar ze terechtkwam, werd ze jarenlang misbruikt. Pas als volwassene bouwde ze een eigen leven op. Ze ging psychologie studeren, werd maat van een adviesbureau, kreeg man en kinderen, kleinkinderen – J...... is nu 68 – en ze weet nu: ze is het waard.

J...... is een van de honderden melders die de afgelopen jaren probeerden genoegdoening te krijgen voor wat hen als kind mede door toedoen van de overheid is aangedaan. Na onderzoek van de commissie-Samson naar misbruik in de jeugdzorg was hiervoor een regeling opgetuigd. Maar de erkenning en financiële compensatie die J..... verwachtte, bleef uit. 

Ze voelde zich niet altijd respectvol behandeld, en ze is niet de enige.

Erkenning via de bureaucratische weg: ze gelooft er niet meer in. Zoveel tijd en geld naar zwaar bemande commissies met hoogleraren, ambtenaren en juristen die het aangedane leed moesten compenseren. Of het nou gaat om slachtoffers van jeugdzorg, de Katholieke Kerk, het Groningse gas; het zijn procedures bedacht met categorieën en regeltjes en uitsluitingsbepalingen die het leed soms juist versterken in plaats van verzachten. Ze denkt weleens: had dat niet anders gekund?

Nadat haar aanvraag in 2017 was afgewezen, stapte J..... naar de Nationale Ombudsman en die gaf haar gelijk. 
‘Onnavolgbaar’, noemde hij het oordeel van het Schadefonds Geweldsmisdrijven, dat de regeling voor misbruikslachtoffers uitvoerde. En met die uitspraak in de hand heeft J....
nu de Staat en jeugdzorg aangeklaagd wegens onrechtmatig handelen. De dagvaarding ging deze maand de deur uit.

Samen met haar man  blikt ze terug op de procedure. Thuis, op de bank in Amsterdam. Het is de zoveelste keer dat ze haar verhaal vertelt. Het kost haar soms zichtbaar moeite, het roept ook weer herinneringen op. Toch wil ze het doen. „Ik zie het als mijn taak dit tot het einde uit te zitten.” En ach, ze kunnen er ook om lachen, de bureaucratie, de absurditeit ervan, humor houdt hen op de been. Het traject dat voor haar was opgetuigd zien ze als een kluwen wol met een draadje eruit, waaraan je kunt blíjven trekken. Acht jaar inmiddels, „en de wol is nog altijd niet op”.

Het eerste contact was een telefoontje, in het najaar van 2011. J.... gaf gehoor aan de oproep voor misbruikslachtoffers om zich te melden en kreeg een vrijwilliger van de commissie-Samson aan de lijn. Die begon meteen vragen te stellen: wat was er dan gebeurd, wanneer, waar, met wie? Ze had de man gezegd: „Ik voel mij er niet prettig bij daar nu via de telefoon uitgebreid op in te gaan.” In het gespreksverslag dat later over de post kwam, herkende ze nauwelijks haar eigen stem. Ze dacht: gaat dit over mij?

Er volgde een afspraak bij Slachtofferhulp, de instantie die haar zou helpen met het invullen van de formulieren voor het Schadefonds. Er waren twee procedures: de Tijdelijke regeling waarbij de uitkering kon oplopen tot 35.000 euro, en het Statuut, een uitkering tot 100.000 euro, waarvoor een hogere bewijslast gold. Het ging haar niet om het geld, wil ze benadrukken, maar om genoegdoening – „en daar hoort een financiële compensatie bij als moreel gebaar”.

In een kantoortje in Amsterdam werd ze door een vrijwilliger, een vrouw ditmaal, „urenlang doorgezaagd” – ze kan het niet anders noemen – over haar ervaringen met misbruik in haar jeugd. Voor mensen met trauma’s „geen handige manier” van interviewen.

Begin maar met de makkelijkste regeling, was het advies. Daarvoor had ze bewijsstukken nodig: over haar ouders, haar uithuisplaatsing, wie haar voogd was. J...., die tot haar veertiende bij een pleeggezin had gewoond en daarna in een tehuis, had nooit één snipper dossier over zichzelf gezien.

De zoektocht stuurde J..... het hele land door: van de Achterhoek en haar eerste tehuis in Rotterdam, tot het Nationaal Archief in Den Haag. Steeds weer moest ze uitleggen wat ze kwam doen. 
Ze vond het „leerzaam”, maar je moet het maar willen, de confrontatie. Zoals toen ze in het rechtbankverslag over haar uithuisplaatsing las dat haar vader tegen de rechter had gezegd: „Ik kan haar er niet bij hebben.”

In de loop van 2014 kwam de uitspraak van het Schadefonds: J...... was ingedeeld in schaal twee. Het fonds hanteerde acht categorieën: hoe ernstiger het leed, hoe hoger de schaal en het smartengeld. 
J.... ging in beroep, er volgde een hoorzitting in Rijswijk.

Opnieuw vertelde ze haar verhaal, nu tegenover een commissielid en een „streng kijkende” jurist. Het was de enige keer in het hele traject dat ze zich gehoord voelde. 
J...: „Ken je het moment dat je in een zaaltje luistert naar muzikanten en dat je samen opstijgt? Dat je de verbondenheid voelt, de eenheid?” Zo ervoer ze dat gesprek. Ze had het commissielid over het misbruik verteld en zag hém boos worden. Hij toonde empathie. „Hij zag me staan.”

Was het daarbij gebleven, dan had ze er vrede mee gehad. Maar ze ging van categorie twee naar zes en kwam daardoor in aanmerking voor de procedure bij het Statuut. De Staat kon de instelling die toen verantwoordelijk voor haar was, aansprakelijk stellen. Daarvoor moest J..... de instelling vínden en met ‘steunbewijs’ aantonen dat die destijds van het misbruik op de hoogte was en niet had ingegrepen.

„Goed je best doen”, was J.... altijd gezegd als de voogdes op bezoek kwam in het pleeggezin. Dan gingen ze zitten in de keurige voorkamer en hield J de schijn op. Maar één keer ging het anders en was er een nieuwe voogdes die met haar ergens anders ging zitten en toen vertelde ze wél het hele verhaal. „Je kunt hier niet blijven”, had ze met grote ogen gezegd. J bleef achter met het idee dat ze elk moment kon worden opgehaald. Maar dat gebeurde niet. Deze voogdes heeft ze nooit meer gezien – het maakt haar nog altijd kwaad.

De instelling bestond niet meer, er moest een rechtsopvolger worden gevonden. Dat lukte, na een halfjaar. Een nieuwe zoektocht naar ‘steunbewijs’ volgde. Ze belde met iemand uit de Achterhoek die met de voogd aan tafel had gezeten en zich „de pleuris” schrok. „Hij zou na het eten terugbellen, moet-ie nog steeds doen.” Later vond ze alsnog drie oude bekenden die konden getuigen over de impact van de traumatische gebeurtenis met de voogdes.

Mei 2017. Met de bewijsstukken in de hand toog ze naar het deftige gebouw van de Raad van State op de Haagse Kneuterdijk. Daar mocht ze plaatsnemen aan een grote tafel in een kamer met houten wanden en een hoog plafond. Tegenover haar drie hoogleraren en een ondersteuner. De bestuurder van de verantwoordelijke instelling zou volgens het Statuut aanwezig moeten zijn, dit bleek niet het geval. Wel een jurist, namens de tegenpartij. „Gaat uw gang”, zei een commissielid.

J stond erop dat de bestuurder van de instelling erbij zou zijn. Er volgde een afspraak bij de instelling. Daar hoorde ze van de bestuurder dat het budget van de instelling beperkt was. En dat ze als ze moest kiezen tussen J. en haar huidige pupillen, ze voor die laatsten koos.

Er volgde een tweede hoorzitting in aanwezigheid van de bestuurder, opnieuw op de Kneuterdijk. 
J keerde er draaierig van terug. Alle verklaringen en getuigenissen die ze met zoveel moeite had verzameld, kwamen niet aan de orde, de tegenpartij werd niets gevraagd. „We geloven wat u zegt”, had een commissielid gezegd, „maar het bewijs is niet genoeg”. 
J hoorde een lid zeggen: „Vorige week nam iemand genoegen met excuses. Waarom doet u dat niet?” Wat haar was overkomen „paste in het tijdsbeeld”, zei een commissielid.

De sfeer werd grimmig, ervoer J. Er was al zoveel tijd aan haar casus besteed, dat gevoel kreeg ze. „Alsof ik mijn mond moest houden. Moest inbinden, dankbaar moest zijn.” Even voelde ze zich klein worden, dacht weer: zie je wel, het heeft geen zin. De nietigheid van toen.

Dank U, o God, ik wil U danken

dat ik danken kan

Nationale Ombudsman Reinier van Zutphen zou later zeggen niet te kunnen begrijpen hoe het Schadefonds J claim kon afwijzen. De commissie had haar geloofd, vond haar verklaring „authentiek en gedetailleerd”, maar ze had „schriftelijk steunbewijs uit die tijd” moeten hebben. 
Maar kun je van een kind verwachten dat het over seksueel misbruik vertelt? Dat het aangifte doet? En zelfs dan, „na zoveel jaar zijn veel dossiers vernietigd”. 

Uit een gesprek tussen de Ombudsman en het Schadefonds bleek dat er soortgelijke gevallen waren, waarin de commissie de regeling op dezelfde manier had toegepast.

In het voorjaar van 2017, nog vóór die laatste hoorzitting, werd de regeling door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum geëvalueerd. Toen bleek al dat voor een deel van de slachtoffers „het beoogde doel niet is bereikt”. 

Het zelf moeten verzamelen van bewijs was „een zware emotionele belasting”, zagen de onderzoekers. En de individuele financiële aansprakelijkheid van instellingen had soms geleid tot een „verdedigende opstelling van de instelling” en daarmee „voor de slachtoffers pijnlijke confrontaties tijdens hoorzittingen”. De regeling had „met name gewerkt voor de meest zelfredzame, meest veerkrachtige of best gesteunde slachtoffers”.


„Weeffouten in het systeem”, zeggen J en haar man op de bank in Amsterdam. Waarom moet het slachtoffer alle moeite doen? Bewijs opvragen bij een instelling die daar allesbehalve belang bij heeft. 

Waarom moet die instelling opdraaien voor de genoegdoening, ten koste van de huidige zorg? En waarom geen financiële erkenning, als over de verklaring geen twijfel bestaat? 



J: „Als ik door rood licht rijd en een boete van 200 euro moet betalen, kan ik toch ook niet zeggen: ik erken mijn fout en toedeledoki.”

Al die commissies ter genoegdoening, met hun trajecten en procedures, 

J en haar man hebben de indruk dat ze vooral zijn opgetuigd voor de buitenkant. 
„Dat de overheid kan zeggen: ‘Kijk, dit probleem is opgepakt, er is een commissie gevormd en die heeft fan-tas-tisch gedraaid’. Maar het is alsof je zegt: ik heb vier kinderen, met drie ervan gaat het goed. Dat is toch een uitstekende score?”

REACTIE SCHADEFONDS ‘AANZIENLIJK DEEL VOELDE ZICH ERKEND’
Op het traject van J kan het Schadefonds Geweldsmisdrijven vanwege de privacy niet ingaan, zegt directeur Monique de Groot. 
Over de regeling voor misbruikslachtoffers in de jeugdzorg – die afliep in 2017 – is ze „vrij positief”. Een aanzienlijk deel van de aanvragers heeft zich volgens haar erkend gevoeld, juist ook door de hoorzittingen waarin mensen hun verhaal kwijt konden. Maar er konden volgens haar ook zaken beter. 

Zo ervoeren aanvragers het bestaan van twee regelingen als „verwarrend” en merkte De Groot gaandeweg dat het beter was om het accent van de hoorzittingen minder te leggen „op het juridische”.

Het Schadefonds had „met de kennis van nu” ervoor gepleit de regelingen anders in te richten. De Groot: „Eén regeling, eenvoudiger van opzet, en kijken hoe je de aanvrager kan helpen met het vergaren van bewijs.”