donderdag, juni 23, 2011

L'Chaim



Zal Bodar dmv de reclame code commissie Vaticaan de gevreesde massale evacuatie vanuit Limburg tgv boze brief media bisschop kunnen voorkomen?

Is de samenwerking van Mannenhulpverlening en Mea Culpa voldoende om Fred Keesen gehuld in de in Rome ingewijdde t-shirts van Ton Leerschool GENOEG de strijdbijl nog eenmaal te laten opnemen voor de glansrol van zijn leven?

Roept de persdienst van Mgr. Punt de zwitserse garde onder de wapens? Zal Radio Maria de uitzendrechten voor deze grand finale weten te bemachtigen of leggen zij het af tegen de Vrouwe die eens Maria was van Mokumtv?

En wat zal Vlaanderen doen? Huren zij een bataljon gehuwde priesters?


Boze mediabisschop schrijft brief aan Tweede Kamer

Twee priesters als presentator

Mediabisschop Wiertz wijst er op dat de twee meest bekende priesters van Nederland (Antoine Bodar en Roderick Vonhögen) presentator zijn van RKK-programma’s.

Leven vluchtelingen te redden door toepassing VN Conventie

Internationale vluchtelingendienst jezuïeten:
Leven vluchtelingen te redden door toepassing conventie

Geplaatst door onze redactie op woensdag 22 juni 2011 om 14:55u (Bron: Cisa)
NAIROBI (RKnieuws.net) – Het leven van talrijke Afrikaanse vluchtelingen zou kunnen gered worden als de internationale VN conventie op de vluchtelingen correct zou worden toegepast. Dat zegt pater Peter Balleis, de directeur van de internationale vluchtelingendienst van de jezuïeten.
Vele regeringen lappen de fundamentele principes van de Conventie nog steeds aan hun laars, aldus Balleis.

Da's nou nog 's belangenbehartiging!

Mea Culpa:
...
Op Bleijerheide werden duizenden jongens betast en ‘onderzocht’ door broeder Monulphus alias Bulletje. Buiten de ‘Engelen jongens’, dat zijn er ruim 60 die zelfs in categorie 5 ‘passen’, getuigen over deze zieke(n)broeder. De meeste gingen ter goeder trouw ervan uit dat deze onderzoekingen noodzakelijk waren. Bulletje betastingen van je intieme delen waren seksueel van aard. Hiermee zijn niet alleen de 60 Engelen jongens slachtoffer maar iedereen die op het Franciscaner jongenspensionaat te Bleijerheide heeft doorgebracht en ziek te bed of voor onderzoek naar Bulletje moesten.

Als wij met z’n allen getuigen, dan kan het rekensommetje oplopen tot 22.500.000 wanneer je uitgaat van 3000 jongens gemeten naar de maatstaven van categorie 2.
...


En waarempel, binnen een dag!

Kerken sluiten aan bij verbeterde samenwerking overheid en filantropische sector
woensdag 22 juni 2011
UTRECHT / DEN HAAG (RKnieuws.net) - Dinsdag heeft het Interkerkelijk Contact in Overheidszaken (CIO) in Den Haag het convenant ‘Ruimte voor geven’ mede ondertekend. Doel van de overeenkomst is de samenwerking tussen overheid en filantropische sector structureel te verbeteren. De kerken in Nederland zijn zeer actief in geldwerving (in 2009 zamelden kerken en levensbeschouwelijke organisaties meer dan 800 miljoen in) en hebben om die reden aansluiting gezocht bij de filantropische sector en het convenant mede ondertekend.
Het convenant werd namens het kabinet ondertekend door minister-president Rutte en staatssecretaris Teeven van Veiligheid & Justitie. De sector Filantropie wordt vertegenwoordigd door de heer Van Eijck (voorzitter SBF), de heer Deetman (voorzitter van het Interkerkelijk Contact in Overheidszaken), mevrouw Peters (vice-voorzitter van de Vereniging van Fondsen in Nederland), de heer Daalmeijer (voorzitter VFI, brancheorganisatie van goede doelen) en de heer Van Rooij (vice-voorzitter Instituut Fondsenwerving)....


Da's nou nog 's belangenbeharting!


En ik ben gewoon een hele domme klojo!
Die ooit als slachtoffer namens de HH Staat een cadeautje weg mocht geven.
Peanuts, een broodje kaas van de Cie. Deetman zou wel 's meer kunnen kosten.

God zij dank! Al heb ik daarvoor een ander iets door z'n strot geduwd waarmee ik dader werd: ik kan het mij, onder dankzegging naar de diegene wiens volwassen geopende strot dat mogelijk maakte, permiteren gewoon een hele domme klojo te zijn. En NEE! te zeggen.

woensdag, juni 22, 2011

verjaring


Een volk dat voor tirannen zwicht zal meer dan




lijf en goed verliezen,





het laat zijn kinderen verkrachten





Commissie Samson meldpunt

Seksueel misbruik bij uit huis geplaatste kinderen ‘schokkend’

door Bart Hinke
Binnenland

De aard, duur en frequentie van de gevallen van seksueel misbruik bij kinderen die onder verantwoordelijkheid van de overheid uit huis zijn geplaatst is “schokkend”. Dat concludeert de commissie-Samson, die onderzoek doet naar seksueel misbruik in de jeugdzorg vanaf 1945 tot nu en vandaag haar resultaten presenteerde.

Inmiddels heeft de commissie 500 meldingen geanalyseerd. De voorzitter van de commissie, voormalig procureur-generaal Rieke Samson, spreekt van “zeer ernstige gevallen van seksueel misbruik die vaak jarenlang aanhielden”. In ruim 40 procent van de gevallen ging het om ‘het penetreren met penis’ en 36 procent had betrekking op ‘ander genitaal contact’.

Het is volgens de commissie opvallend dat de meldingen nagenoeg geen betrekking hebben op eenmalig misbruik of misbruik gedurende enkele weken. Ruim 65 procent van de meldingen heeft betrekking op misbruik dat minimaal 1 jaar aanhield. In ruim 33 procent van de gevallen gaat het om misbruik dat valt in de in de leefstijdsgroep 3 tot 10 jaar.

De commissie doet niet aan waarheidsvinding, maar wil laten zien hoe misbruik kon plaatsvinden, waarom het nooit eerder naar buiten is gekomen en welke lessen er uit te trekken zijn. Slachtoffers die hulp nodig hebben, worden doorverwezen naar Slachtofferhulp en het Meldpunt Kindermishandeling.

Maak Uw borst maar nat, mevrouw!

Aan me neus!!


Vraag 1
Is dit een verslag of is dit wishfull thinking.

Want ik heb me daar toch een paar vraagjes.
En die zijn te staven.

En al zal ik Uitzondering Een zijn, bij deze, het zij zo.
Maar dit koop ik niet !

En in dit land heb ik sinds enige jaren eindelijk een Rechtspositie.
Zelfs om desnoods Uitzondering Een te zijn.
Of dat zo is, zien we dan wel weer.

Maar onderzoek is onderzoek en verslaglegging dient te deugen !
En dit verslag deugt al bj eerste lezing al bij de beschrijving van de behandeling in ieder geval bij 1 van die ongeveer 500 melding niet.
En laten we de rest dan nog maar 's bekijken.

De commissie belt de melders altijd enkele dagen
na de gevoerde gesprekken om te vragen hoe het met betrokkene gaat.
Als het niet goed gaat, komt Slachtofferhulp Nederland op verzoek van
de commissie in actie richting de melder om ondersteuning te bieden.



Dit is niet waar.
En dat is niet zomaar even aperte detail-onzin, die slechts mij persoonlijk betreft.

En wat minstens zo ernstig is is dat hier een PR toer wordt gebouwd waarvan "Het Veld", inclusief de Inspectie Volksgezondheid ook niet op de hoogte is.
Wanneer dit soort, actuele, PR zorgeloosheid gebeurd wat zegt dat dan over dit onderzoek?

Is het niet meer en meer dan hoog tijd dat er nu eindelijk eens een einde komt aan de politieke PR toeren uitgehaald met slachtoffers.

En wat zegt deze aperte nonsens (vergelijkbaar ook verkocht door de Cie. Deetman) niet slechts over de rest van de ijsberg
maar ook - met de maatschappelijke discussie van de afgelopen anderhalf jaar ook in Nederland noodzakelijkerwijs losgebarsten waaraan overige vroegere jeugdslachtoffers van residentieel(kerkelijk) geweld werden onderworpen waarbij "slechts" het (manlijk!) seksueel aspect (zou) ontbreekt (ontbreken) c.q. niet als zodanig herkend wordt?

Waar is de constatering, signalen die ik wél krijg, dat juist deze groep tgv die Cie. Deetman en die Samson (als die al bekend is) geconfronteerd lijkt te worden óók vanuit de hulpverlening met extra argwaan tgv de waanzin discussies over schadevergoeding?

En waar is de vermelding van meldingen van door pupillen onderling seksueel misbruik?

Hoezo ontbreekt de vermelding (van meldingen) van het seksueel misbruik van pupillen door derden met kennis van groepsleiding zonder dat hiertegen bescherming werd geboden? Ze staan notabene wel zo even tussen neus en lippen door door betrokkenen gemeld zelfs op mijn weblogs en kwam in gesprekken met vroegere groepsleiding ook regelmatig als weinig bijzonders voor, "hoort er nu eenmaal bij"

Waar is de vermelding (van meldingen) van de ervaren "normaliteit" van het sexueel geweld c.q. de afwezigheid van bescherming kennelijk niet slechts door één melder, zijnde ondergetekende, gedaan?

Waarom ontbreekt de vermelding (van meldingen?) over die van die Staatspupilsnotneusjongetjes (en meisjes) van huis naar huis overgeplaatst en het veelal het daar bij horende geweld die met 12/13/14 opgegeven werden, het opgaven en in de grote steden in leven hielden als de drugs gebruikende schandknapen voor klootzakken die dit heel best wisten?

Hoe komt het dat de vermelding (van meldingen?) ontbreekt van residentiele pupillen, en vooral de jongens, die de tehuizen uitgetrapt het maar uit te zoeken moesten in die jeugdprostitutie of als dienstverlener tbv. "professionels" uit het vroegere tehuis of kinderbescherming?

Hoe komt het dat de vermelding ontbreekt dat nauwelijks iemand van ons nee tgv repressie en direct fysiek geweld in die tehuizen dat daarmee garant stond voor de verkrachtingen door derden? Is het voorbereiden van het sexueel misbruik geen deel van gepleegd sexueel misbruik op die kinderen? En de policy van verbroken netwerken dan, de minachting, notabene tot vandaag in de media voortdurend benadrukt, voor de ouderlijke omgeving?

Waarom ontbreekt de vermelding (van meldingen?) van residentiele pupillen die uit huis geplaatst werden ter bescherming tegen huiselijk geweld en seksueel misbruik, maar maandelijks naar datzelfde huis werden terugestuurd voor weekend bezoek of vakanties met het nu gelegitimeerd gecontinueerd misbruik?

Met de vriendelijke en hoogachtende groeten van Mevrouw Eekhoorn: er is niks mis met nootjes.
Al moet die onderste er voor boven komen en ontdekken we dan nog wel hoe wat voor noot de Aan Me Neus ook moge zijn maar

Nee mevrouw Samson, gaat niet door!
Want ziet U. Ik had een moeder, een vader een grootmoeder. En ik kreeg er nog een mammoet bij ook. En Ik ben al die leugens, ongeacht van wie, wel zo ongelooflijk verschrikkelijk spuug en spuugzat én ik heb kinderen die ik recht in de ogen wens te kunnen blijven kijken.

En dit, Mevrouw Samson, is geen serieus te nemen onderzoek over het verleden.
Schokkend, deze 500 meldingen? Geschokt, Mevr. Samson?
Me neus!

Voormalig bestruurslid van Finkensiepers Zetten geschokt?
Mevrouw Samson, met alle respect, U weet meer van het seksueel misbruik én alle daarbij horende doofpotten, zorgeloosheid, spreekverboden en de (vermeende)belangen daarbij rond die tehuizen dan ik, gezien de gevaren van nachtmerries en de bestaande realiteit, nog niet voor een deel wens of wenste of ooit zal kunnen wensen te weten! En indien dát niet het geval mocht zijn, dan is dát het buitengewoon schokkende nieuws, mevrouw Samson!

Die truc is al gebruikt, Mevrouw Samson. Door de RKK.
En werd in Nederland herhald in 2003 rond Verwegistan en de Goede Herder.
Me neus!

Dit is een politiek verhaal over zaken die allang bekend waren en met (een deel van) de doelen kan ik het hoogstwaarschijnlijk 100 % eens zijn en die vind ik buitengewoon belangrijk.

Maar slachtoffers van dat seksueel geweld gepleegd op kinderen waarvoor de overheid verantwoordelijk was hebben recht op de kennis over dat verleden en de erkenning daarvan door die overheid die het toen een rotzorg was!

Het noodzakelijk veranderen van die Zorg, inclusief de noodzakelijke maatschappelijke notie, is geen reden, mág geen reden zijn voor een flauwe kul onderzoek naar dat verleden.
Over dat seksueel misbruik in dat verleden verleden en die verantwoordelijkheid van die overheid dient geoordeelt te (kunnen) worden.

Dat doe je niet met flauwe kul politiek van morgen onderzoek over dat verleden. Niet met een stichtelijke echo. Zelfs niet met goede doelen. Niet over het leven van anderen!
Daarvoor is wat er bij mensen gebeurt is de grenzen van criminaliteit onder verantwoordelijkheid óók van die overheid veel te ver overschreden. Met evenzovele gevolgen niet slechts voor direct betrokken, maar ook (hún) volgende generaties.

En als er iets is wat het seksueel misbruik binnen de RKK gepleegd op kinderen wereldwijd en het antwoord daarop van slachtoffers, die vroegere kinderen - incusief alle gruwel die daar ook deel van uitmaakt- en de zo behaalde resultaten heeft laten zien dan is het juist dat.

Die generatie(s) heeft - net als op andere themata - niet slechts het Recht maar de noodzaak op die, ook van de ouder(s) onafhankelijke informatie.

Dát is de strekking en het belang van het VN Kinderverdrag, opdat óók voor hen de garantie bestaat dat zij kunnen deelnemen.


Zo zit het, schat, oordeel maar en wees misbruik vrij. Maak je Morgen eigen en laat die in Godsnaam niet over aan wishfull thinking van anderen.


(23/6 10.18 uur tijdstip log is tgv van mijn tenenstelsel slechts de starttijd)
Vierde openbaar bericht van de commissie-Samson
De commissie-Samson doet in haar vierde openbaar bericht beknopt
verslag van haar werkzaamheden. De commissie is halverwege en zal
volgens planning 1 juli 2012 rapporteren.
In dit vierde openbaar bericht wordt uitgebreid stilgestaan bij de
meldingen die tot nu toe zijn binnengekomen bij de commissie.

Meldingen en meldpunt van de commissie
Aantallen
Het aantal meldingen is sinds het derde openbaar bericht van 20 april jl.
amper gegroeid. Het aantal ligt nog steeds rond de 500.

De in het laatste bericht gedane oproep om meer meldingen van allochtonen binnen te
krijgen, heeft tot nu toe weinig effect gesorteerd. De daarop gevolgde
samenwerking met allochtone organisaties en media heeft wel tot extra
publiciteit maar niet tot extra meldingen uit deze kring geleid.

Tevens hebben zich bij de commissie nog weinig plegers van seksueel
misbruik gemeld.

Contacten met melders
Zoals gezegd hebben tot nu toe 500 mensen zich gemeld. De commissie
is er zeer erkentelijk voor dat deze mannen en vrouwen vaak de voor hen
moeilijke stap hebben gezet om zich te melden.
De meeste melders kampen nog met schaamte- en/of schuldgevoelens. Ook merkt het
Meldpunt van de commissie dat seksueel misbruik en seksualiteit
moeilijk bespreekbaar zijn. Misbruik is door melders nogal eens hun
levenlang verzwegen, nadat zij als kind vaak niet gehoord, niet geloofd of
zelfs bedreigd zijn. In de gesprekken met het Meldpunt zijn melders vaak
dankbaar eindelijk hun verhaal te kunnen doen.

Op het Meldpunt worden vele indringende telefoongesprekken gevoerd
die vaak een vervolg krijgen in nadere telefooncontacten of persoonlijke
gesprekken van de commissie met slachtoffers
.

Door het voeren van deze gesprekken krijgt de commissie meer inzicht in de omstandigheden die het seksueel misbruik mogelijk maakten. Ook is de commissie via de
gevoerde gesprekken getuige van het soms verwoestende karakter van het
meegemaakte seksueel misbruik: het misbruik gaat dan vaak gepaard met
geweld, onderdrukking en eenzaamheid, soms ook voor het latere leven.
Het onderhouden van relaties, het afronden van een opleiding en het goed
functioneren in het werk zijn er fors door bemoeilijkt. Dat heeft vaak
weer nieuwe trauma’s opgeleverd. De psychische problematiek vanwege
het misbruik is dan ook groot, zeker als er geen (passende) hulpverlening
is geweest.

De meeste melders komen bij de commissie ondersteund door een
familielid of een hulpverlener. Een groot deel van de slachtoffers bedankt
de commissie na het gevoerde gesprek, omdat het gesprek als blijk van
erkenning wordt gevoeld en een steentje bijdraagt aan de verwerking van
wat hen overkomen is.

De commissie belt de melders altijd enkele dagen
na de gevoerde gesprekken om te vragen hoe het met betrokkene gaat.
Als het niet goed gaat, komt Slachtofferhulp Nederland op verzoek van
de commissie in actie richting de melder om ondersteuning te bieden.

De meldingen die bij het Meldpunt van de commissie zijn
binnengekomen, zijn hoogstwaarschijnlijk slechts het topje van de
ijsberg.

Het gaat vaak om slachtoffers die nu door alle publiciteit over
seksueel misbruik en de kans die de commissie-Samson biedt, besluiten
om zich te melden.
De commissie hoort geregeld dat men deze moeilijke en pijnlijke stap tevens
zet om eraan bij te dragen dat het andere kinderen in de toekomst niet overkomt.


Beeld uit de meldingen
Over de tot nu toe binnengekomen meldingen valt het nodige op te
merken, al mag er niet vanuit gegaan worden dat het een representatief
beeld geeft van alle seksueel misbruik dat heeft plaatsgevonden bij
kinderen die onder verantwoordelijkheid van de overheid uit huis zijn
geplaatst. Daarbij dient bedacht te worden dat op dit moment de
wetenschappelijke onderzoeken nog volop gaande zijn. Met de nodige
voorzichtigheid lijken de volgende indrukken zich af te tekenen bij deze
meldingen, die in de wetenschappelijke deelonderzoeken verder
meegenomen zullen worden voor nadere analyse:
- 30% van de meldingen die nu bij de commissie gedaan worden,
valt buiten het onderzoeksbereik van de commissie. Dan gaat het
bijvoorbeeld om vrijwillige opnamen of misbruik in gezinnen of in
andere sectoren dan de jeugdzorg (onderwijs, sport, scouting etc.).
De commissie noteert deze meldingen wel en zal ze in haar
eindrapport opnemen;
- naar verhouding heeft de commissie de meeste meldingen
binnengekregen over de periode 1950-1980. Over de jaren ‘90 zijn
naar verhouding minder meldingen binnengekomen;
- het misbruik overkomt zowel jongens als meisjes. Mannen melden
vaker misbruik in de vroegere jaren toen zij als jongen slachtoffer
waren in instellingen. De meldingen over de recentere jaren
betreffen vooral meisjes in pleeggezinnen. Een rol speelt hierbij dat
kinderen na 1980 steeds meer in pleeggezinnen geplaatst worden;


- seksueel misbruik gaat in een groot deel van de gevallen gepaard
met fysiek en geestelijk geweld en vaak met machtsvertoon. Dit
geldt voor alle tijdvakken. In het deelonderzoek naar de
geschiedenis van het misbruik wordt deze indruk nader onderzocht;
- plegers van het seksueel misbruik zijn in instellingen overwegend
de professionals en in pleeggezinnen de pleegvaders. Pleegmoeders
hebben soms niet van het misbruik afgeweten, maar het in
sommige gevallen ook ‘afgedekt’. Tegelijkertijd gaat het ook
regelmatig om misbruik door leeftijdgenoten: andere
groepsgenoten en pleeggezinsleden;
- de plegers zijn overwegend mannen;
- kinderen worden soms door meerdere personen misbruikt.
Sommigen van hen geven aan dat er naast henzelf meerdere
groepsgenoten werden misbruikt door meerdere plegers;
- het lijkt erop dat bij de gemelde gevallen het misbruik in
pleeggezinnen langer duurt dan in instellingen. In de helft van de
gevallen houdt het meer dan 3 jaar aan;
- de meldingen over aard van het misbruik worden in de loop der
jaren steeds ernstiger, over de frequentie nemen zij tegelijkertijd af.
In een van de deelonderzoeken, het prevalentie-onderzoek, zal
nagegaan worden of deze indruk klopt;
- veel kinderen durven niets te zeggen over het misbruik, vooral
omdat zij bang zijn;
- als kinderen wel rapporteerden wat hen overkwam, is er in
tweederde van de gevallen niets gedaan met de signalen van het
kind. Dat is niet wezenlijk verbeterd in de loop van de jaren. Deze
waarneming wordt uitgebreid getoetst in de wetenschappelijke
deelonderzoeken waar expliciet onderzocht wordt hoe
overheidsinstanties gereageerd hebben op signalen van seksueel
misbruik;
- klachten en meldingen komen vaak niet terecht waar ze terecht
zouden moeten komen;
- veel kinderen hebben in de vroege jeugd en voorafgaand aan de
uithuisplaatsing al veel traumatische ervaringen opgedaan zoals
mishandeling, misbruik, verwaarlozing en verlating door ouders en
zijn daardoor beschadigd. Een van die ervaringen is seksueel
misbruik in het gezin. Dit herhaald slachtofferschap is uit de
literatuur al bekend;
- vanaf 1980 zakt het misbruik in instellingen snel. Een rol speelt
waarschijnlijk dat meerdere instellingen toen sloten. Na 1980
worden steeds meer kinderen in pleeggezinnen geplaatst;
- de meldingsbereidheid onder slachtoffers uit de jaren na 1980 is
groter. Ook het doen van aangifte bij de politie lijkt te stijgen. De
schaamte en zwijgzaamheid rond het thema werden toen
geleidelijk minder. Een probleem is wel dat politiearchieven van
voor 1980 vrijwel niet aanwezig zijn;

- de meeste melders hebben al hulp gezocht en gevonden. Er zijn
ook melders die aangeven er nu geen behoefte aan te hebben.
Melders die nog geen hulp hebben gehad en aangeven daar
behoefte aan te hebben, worden doorverwezen naar het speciale
nummer van Slachtofferhulp Nederland.
Overgedragen zaken aan Openbaar Ministerie
Veel meldingen zijn niet verjaard. Na afstemming met het Openbaar
Ministerie (OM) en zoveel mogelijk in overleg met de melder draagt de
commissie zaken over aan het OM om te onderzoeken of een
strafrechtelijke vervolging nog mogelijk is en legt de commissie zaken
voor een verjaringstoets voor. Ook worden zaken anoniem ter informatie
toegestuurd. In dat geval heeft er bijvoorbeeld al een veroordeling
plaatsgevonden of is de zaak inmiddels verjaard.
In 2010 zijn er in totaal 48 zaken aan het OM voorgelegd, in 2011 tot nu
toe 5 zaken. De commissie-Samson wordt door het OM regelmatig
geïnformeerd over de uitkomsten.
Er zijn op dit moment van de zaken die in 2010 en 2011 naar het OM zijn
gestuurd nog 11 zaken in onderzoek (9 bij de politie en 2 ter beoordeling
bij het OM), 25 zaken zijn afgerond en bij 3 zaken heeft men geen
contact kunnen krijgen met de melder. Er zijn 5 zaken voorgelegd voor
een verjaringstoets en 9 zaken ter informatie gestuurd.
Hulpverlening
In de meeste gevallen hebben melders zelf eerder hulp gezocht. Daarnaast
blijkt de commissie dat veel melders op dit moment behoefte hebben aan
hulp. De commissie heeft in augustus 2010 goede afspraken gemaakt met
Slachtofferhulp Nederland. 44 mensen hebben individuele begeleiding
gekregen. In 13 gevallen is op verzoek van de commissie door
Slachtofferhulp Nederland zelf het contact gelegd met de melder en is
niet het initiatief van betrokkene daartoe afgewacht. Bij twee personen is
het helaas niet gelukt om het contact tot stand te brengen. Op dit moment
worden 17 mensen door Slachtofferhulp Nederland begeleid in
langdurige trajecten. Bij 27 personen is de begeleiding door
Slachtofferhulp Nederland afgerond. 4 personen zijn voor specialistische
hulp doorverwezen. Tientallen mensen hebben eenmalig contact gehad.
Mensen hebben daardoor uitgebreider hun verhaal kunnen vertellen, een
5
begin gemaakt met verwerking of therapie. De commissie verneemt
regelmatig van cliënten dat zij de snelle en professionele begeleiding van
Slachtofferhulp Nederland op prijs stellen.
Onderzoekswerkzaamheden
Voortgang onderzoek
De wetenschappelijke deelonderzoeken verlopen volgens planning. Er is
op dit moment bij de deelonderzoeken geen sprake van vertraging. Alles
is erop gericht om op tijd aan de commissie te kunnen rapporteren. (zie
voor verdere informatie (www.commissiesamson.nl).
Als laatste deelonderzoek is van start gegaan het onderzoek naar seksueel
misbruik bij kinderen met een verstandelijke beperking in de periode
2008-2010. Het kwantitatieve deel van dit onderzoek wordt uitgevoerd
door de Rijksuniversiteit Leiden. Het kwalitatieve deel van dit onderzoek
– het houden van interviews met ouders en professionals alsook een
literatuurstudie - wordt uitgevoerd door de Universiteit van Amsterdam
in samenwerking met het Kohnstamm-instituut.
In het vorige openbaar bericht werd al mededeling gedaan dat de
commissie het optreden van politie en OM onderzoekt. Het onderzoek bij
de politie richt zich erop hoe de politie destijds is omgegaan met signalen
van seksueel misbruik in de jeugdzorg. Daarbij wordt nagegaan of een
melding al of niet geresulteerd heeft in het doen van een aangifte. Het
onderzoek bij het OM richt zich op het sepotbeleid van het OM in
jeugdzorgzaken, d.w.z. of de sepots verdedigbaar en derhalve gegrond
zijn.
Er is een belangrijke beschrijving van het juridische kader afgerond (zie
www.commissiesamson.nl). De voormalig raadsadviseur mr. J.J. Wiarda
heeft een beschrijving op hoofdlijnen gegeven van de voor de commissie
relevante verdragen en wetgeving op strafrechtelijk, bestuursrechtelijk en
privaatrechtelijke gebied. De beschrijving van het uiterst omvangrijke,
complexe en veelsoortige juridische kader zoals gegeven door de heer
Wiarda is van grote waarde. De andere deelonderzoeken waaronder het
governance-onderzoek zullen er gebruik van maken. Zo zal het historisch
onderzoek het overheidsbeleid verhelderen. En het governance-onderzoek
zal laten zien hoe de wettelijke verantwoordelijkheid van instanties en
personen daadwerkelijk vorm is gegeven en verantwoord. De
beschrijving van het juridische kader is beschikbaar gesteld aan de
commissie-Deetman.
6
Betrokkenheid jeugdveld
Ten behoeve van een goede voortgang van het onderzoek is het wezenlijk
dat de onderzoekers bij alle relevante dossiers en archieven kunnen.
Daarnaast is het van belang dat werkenden in de jeugdzorg informatie
verschaffen aan de onderzoekers. Er zijn hiertoe inmiddels convenanten
afgesloten met leden van Jeugdzorg Nederland, de Vereniging van
Orthopedische Behandelcentra en de Vereniging Gehandicaptenzorg
Nederland. De wetenschappers nemen op hun beurt ethische en
privacystandaarden in acht, zodat zij verantwoord omgaan met
vertrouwelijke informatie. Het is ook om die reden dat de commissie-
Samson het College Bescherming Persoonsgegevens bericht heeft over
het protocol dat zij hanteert.

Bishop Raymond Lahey en z'n kinderporno

OTTAWA — A sentencing hearing for a Catholic bishop who possessed child pornography has been delayed until August.
Raymond Lahey was scheduled to be in court on Friday for a daylong hearing for submissions on the length of his sentence.

On Tuesday, the hearing was pushed back to Aug. 4 and 5 because the Crown had yet to receive Lahey’s clinical file from Dr. John Bradford, the psychiatrist who examined Lahey at the Royal Ottawa Mental Health Centre.

Prosecutors want time to examine the clinical records to properly cross-examine Bradford about his findings in a sexual behaviours assessment.

Lahey, who voluntarily went to jail after pleading guilty in May to possessing child pornography for the purpose of importation, faces a one-year mandatory minimum sentence.
The 71-year-old was bishop of Antigonish in Nova Scotia when he was caught with child pornography on his laptop computer when he was passing through the Ottawa airport in summer 2009 after a trip abroad.

He retains his rank in the Catholic Church until a canonical disciplinary process concludes.
Lahey had been a central figure in settling a lawsuit against his diocese over the sexual abuse of children by priests in Nova Scotia. The diocese agreed to pay $15 million.

The material he was caught with in Ottawa, about five weeks later, included photographs and stories featuring the humiliation and degradation of young boys.

"De stemmen waren er al die tijd al, het is het oor dat ontbrak"

‘Jeugdzorg herkent signalen misbruik onvoldoende’

Signalen van seksueel misbruik van jongeren worden onvoldoende opgepikt door instellingen voor jeugdzorg. Hulpverleners moeten daarom leren sneller in te zien dat een kind wordt misbruikt. Dat constateert de commissie Samson, schrijft De Telegraaf.
De commissie doet nu bijna een jaar onderzoek naar seksueel misbruik van minderjarigen in instellingen of pleeggezinnen. Woensdag geeft de commissie een toelichting op het onderzoek dat tot nu toe is gedaan.

Kindermisbruik wordt volgens voorzitter van de commissie Rieke Samson-Geerlinges nog steeds genegeerd, maar om andere redenen dan vroeger. “Kinderen werden toen veel meer gezien als lastig. Ze hadden gewoon geen stem. De laatste jaren zie je dat hulpverleners wel luisteren, maar de verhalen vaak niet kunnen geloven”, zegt ze in de krant.

Daarom is volgens haar “heftige scholing” nodig om de situatie te veranderen. Het zou normaal moeten worden om over misbruik te praten. De cultuur zou zo moeten veranderen dat er meer aandacht komt voor de signalen die kinderen afgeven. Hulpverleners zouden bijvoorbeeld sneller door moeten hebben dat er iets mis is als een kind ‘seksueel uitnodigend gedrag’ vertoont.

Bij de commissie kwamen het afgelopen jaar ruim vijfhonderd meldingen binnen over misbruik sinds 1945. De meldingen komen vooral van ouders of slachtoffers die inmiddels zelf volwassen zijn geworden. Van kinderen, daders, professionals en allochtonen komen nauwelijks meldingen binnen. Het eindrapport wordt halverwege volgend jaar verwacht.

De la Salle en Martijn


U denkt dat relaties tussen volwassenen en kinderen niet per se schadelijk zijn?

Ik heb daar een voorbeeld van. Ik ben ooit benaderd door een jongen van 14 die een relatie had met een oudere pater. Dat mocht niet meer en die jongen heeft daar enorm veel last van gehad, die heeft juist schade opgelopen. Hij zei tegen mij: ‘Pater Herman, waarom wilt u dat verbieden?” Ja, wat zeg je dan tegen zo’n jongen.


Salesiaans Nederland is een 'delegatie' - kleinere bestuurlijke eenheid - binnen het grotere geheel van de salesiaanse 'provincie' België-Noord, waarvan Jos Claes de provinciaal is. In augustus 2011 zal de delegatie ophouden te bestaan en in zijn geheel opgenomen worden in de provincie België-Noord.
bron


Opheffing stichting Don Bosco Groep Nederland
4 juni 2011

bron

De stichting Don Bosco Groep Nederland is opgericht op 19 november 1998 na jaren van voorbereiding en intensief overleg vanaf april 1994. De werkers en vrijwilligers in de Don Boscowerken wilden mede de verantwoordelijkheid dragen voor het werk van Don Bosco en deze verantwoordelijkheid wilden de salesianen graag met hen delen. Het doel van de stichting DBGN werd het realiseren van een samenwerkingsverband met de congregatie van de Salesianen van Don Bosco. Ook maakte de DBGN werk van vorming, er kwam een Handvest voor Don Bosco werkers. Aan de onderlinge verbondenheid is gewerkt, zo ontstond de traditie van het jaarlijkse Don Bosco feest in de kampschuur van het Assel Don Bosco Centrum. Het contact met de oud-leerlingen van Don Bosco Leusden is jaren geleden door de DBGN opgepakt en dat is uitgegroeid tot een reünie om de 2 jaar, die steeds door een werkgroep wordt voorbereid. In februari 2005 werd samen met de Salesianen van Don Bosco de stichting Don Bosco Werken Nederland opgericht. Deze stichting kreeg als doelstelling mee het voortzetten, uitbouwen en vernieuwen van het Don Boscowerk in Nederland door de gezamenlijke inzet van Salesianen van Don Bosco en Don Bosco werkers. Samen zijn zij op basis van gelijkwaardigheid en met behoud van de eigen identiteit verantwoordelijk voor jeugd- en jongerenwerk, de communicatie en de vorming. De DBWN is nu alweer bijna zes jaar aan het werk en heeft het volste vertrouwen van de DBGN. De DBGN bestaat op 19 mei 2011 12½ jaar en dit is een mooi moment om een goed besluit te nemen voor de toekomst. De DBGN heeft haar doelstelling bereikt.

De toekomst van het Don Boscowerk in Nederland is goed geregeld.
Meer nieuws hierover bij de uiteindelijke opheffing van de stichting, ergens in het najaar van 2011.

De DBGN dankt allen die altijd hebben geloofd in haar doelstelling en werkzaamheden

maandag, juni 20, 2011

Hat coaching






"...
Dat wat jou ontmenselijkt, zal onontkoombaar ook mij ontmenselijken.
Het geeft mensen weerstandsvermogen, het stelt hen in staat te overleven
en menselijk te blijven ondanks de pogingen hen te ontmenselijken."

Desmond Tutu over Ubuntu.



over klerekasten

..




hoogleraar privaatrecht Lindenbergh eens met deel slachtoffers voorstel: schaf God af.; z'n 2 vrouwelijke kerkadvocaten voegen Mariabeeld toe.

door Joep Dohmen
20 juni 2011,
NRC
Slachtoffers van seksueel misbruik binnen de Rooms-Katholieke Kerk krijgen schadevergoedingen tot 25.000 euro. Alleen in uitzonderlijke gevallen wordt meer betaald, tot 100.000 euro. Dat staat in de financiële compensatieregeling die de commissie-Lindenbergh heeft opgesteld op verzoek van de Rooms-Katholieke Kerk in Nederland.

Strenge toelatingseisen leiden ertoe dat waarschijnlijk maar een kwart van de meer dan tweeduizend slachtoffers die zich gemeld hebben, in aanmerking komt voor uitbetaling. De regeling kost naar schatting dan zo’n 5 miljoen euro. Daarvan kan de Kerk één miljoen euro betalen uit een verzekeringsfonds. De rest dragen katholieke instellingen collectief bij. De Kerk lijkt hierdoor niet in financiële problemen te komen.

In de Verenigde Staten moesten eerder gebouwen verkocht worden om één miljard dollar aan schadevergoedingen te kunnen betalen. In Ierland kostte de compensatie Kerk en Staat samen een half miljard.
De Nederlandse regeling is er gekomen nadat de commissie-Deetman, die het misbruik onderzoekt, pleitte voor collectieve compensatie. Het misbruik wordt ook vergoed als het wettelijk is verjaard. De regeling is opgesteld door een commissie onder voorzitterschap van de Rotterdamse hoogleraar privaatrecht Siewert Lindenbergh.

De twee andere commissieleden zijn advocaten die namens de Kerk optreden in misbruikzaken.


De commissie adviseert dat een onafhankelijke stichting per geval de hoogte van de compensatie bepaalt.
Die stichting mag niet zelf oordelen of een klacht gegrond is.
Wie een vergoeding wil, moet naar het katholieke meldbureau Hulp en Recht die de klacht gegrond moet verklaren, of naar de rechter.
Ook een schuldbekentenis van dader of Kerk geldt als bewijs.

Deze eis beperkt de groep die gebruik kan maken van de regeling. Weinig daders of instellingen hebben het misbruik erkend en er is slechts een bescheiden aantal rechtelijke uitspraken.

Hulp en Recht kreeg sinds vorig jaar 455 klachten. Naar verwachting wordt daarvan niet meer dan dan de helft erkend.
Van de 52 tot nu behandelde klachten zijn er 24 gegrond verklaard. Overigens wisten slachtoffers niet dat ze een klacht moesten indienen om te kunnen claimen.

Een klacht of melding bij de commissie Deetman is niet voldoende om een claim in te dienen. Wie wordt toegelaten, krijgt een korte procedure zonder beroepsmogelijkheid. De vergoeding hangt af van de ernst van het misbruik. Slachtoffers worden ingedeeld in vijf categorieën: van seksueel getinte handelingen (maximaal 5.000 euro) tot meervoudige verkrachting (25.000 euro).

De bedragen zijn afgestemd op de hoogte van het in Nederland gebruikelijk smartegeld, zegt Lindenbergh. In Ierland kregen slachtoffers gemiddeld 63.000 euro en was het maximum 300.000 euro.
Maar dat land heeft “een grotere claimcultuur”, zegt hij.

Het maximum in Nederland is 100.000 euro voor slachtoffers in een vijfde categorie van “langdurig ernstig misbruik” of misbruik met “aanzienlijke vermogensschade”. Het slachtoffer moet dan verband tussen schade en misbruik aantonen.

Advocaat Martin de Witte, die slachtoffers vertegenwoordigt, wijst de regeling af. “De Kerk beslist via Hulp en Recht of een claim gegrond is. Dat moet de onafhankelijke commissie zelf doen. Wij wijzen ook een maximumbedrag af. Ik heb cliënten met meer schade. Waarom krijgen ze die niet vergoed?

En er is niets geregeld voor niet-seksueel mishandelden.”



De financiële compensatieregeling:

5.000 euro voor seksueel getinte handelingen of uitlatingen waardoor de integriteit is geschonden;
7.500 euro voor betasting intieme delen (geslachtsdelen, anus en borsten);
10-20.000 euro voor een langere periode van betasting van intieme delen;
25.000 euro voor eenmalige of herhaalde verkrachting;
100.000 euro voor uitzonderlijke gevallen, zoals groepsverkrachtingen, of zeer ernstig misbruik met blijvende schade, of in lichtere gevallen waarin financiële schade aantoonbaar substantieel is.














































State apology is only way to express wrong done to Magdalenes

Met open mond zitten staren naar een berg vogelpoep , cadeau gekregen van een Brits imperialisme beschrijvende Indiër, is niet getikt, maar lateraal denken!
Soms krijg een mens me toch een cadeautje om rollend van het lachen de nacht in te gaan.
just love it.



The Irish Times
Monday, June 20, 2011


Mary Rafferty
OPINION: Damning information on State’s links to the laundries pops up in surprising places

Last week, Minister for Justice Alan Shatter became the first representative of the State to recognise officially that Irish society may have a duty to the thousands of women (most of them no longer with us) who toiled behind the locked doors of the Magdalene laundries.

However, his new committee of civil servants examining the State’s connections with laundries will need to deploy formidable skills in lateral thinking.

Official information on these institutions can be tricky to find, and may pop up in unexpected places. For instance, a search in military records might be instructive.

In the early 1940s, for example, it appeared that some State bodies, most particularly the Army, were transferring their laundry contracts from commercial laundries to what were euphemistically called “institutional laundries”. These of course were the large Magdalene operations, centred in Dublin, Cork, Waterford, Limerick, Galway and New Ross.

In 1941, minister for defence Oscar Traynor claimed in the Dáil that the contracts with Magdalene laundries “contain a fair wages clause”. This is a startling statement, as we know now (and indeed it would have been known at the time) that the women penitents locked up in these laundries did not receive wages for their work.

The matter had arisen in the Dáil at a time of concern that workers in commercial laundries were losing their jobs directly as a result of State contracts going to the nuns running the Magdalene laundries. The latter could outbid anyone, given their non-existent labour costs.

According to Mary Jones’s history of the Irish Women Workers’ Union, These Obstreperous Lassies , at least one laundry was forced to close in 1941 with the loss of 25 jobs. It had just lost an Army contract to the Sisters of Charity Magdalene laundry in Donnybrook.

The union wrote to the nuns running the laundries, begging them not to put workers out of a job by underbidding for State contracts. Their pleas fell on deaf ears.

This was the background to Traynor’s extraordinary statement.

There is, though, something perplexing about it. The full sentence in the Dáil record reads as follows: “As, however, these contracts contain a fair wages clause, I am having the matter reconsidered and will communicate further with the deputy as soon as practicable.”

No further communication can be found, and the mystery of why Traynor should have felt it necessary to reconsider the contracts going to Magdalene laundries remains unsolved. It is, however, undeniable that the State was perfectly content to save itself a few bob by using the cheaper Magdalene laundries – cheaper of course because of the slave labour of their inmates.

Shatter’s committee should also search the records of the Department of Enterprise, Jobs and Innovation – incorporating the old department of industry and commerce. A focus on files from the 1950s and 1960s on foot of the Factories Act 1955 would be productive. This specified detailed health and safety regulations for a range of establishments, among which the Magdalene laundries are clearly included.

What makes this so important is the requirement for all commercial operations covered by the Act to keep registers of their workers, especially listing all women and young people with their ages and specific occupations.

Further, they were obliged to send these details to the department regularly.

Consequently, the department’s inspectors had a legal duty to ensure that the names of all Magdalene workers were recorded in these registers and lodged with the State. Given that one of the rigorously applied rules of Magdalene laundries was that the names of all inmates were changed on entry, it would be interesting to see just how these laundries registered their workers. In the eventuality that no such details are discovered in departmental archives, the question then arises of State negligence in ensuring compliance with the law.

The Factories Act 1955 certainly gives the lie to former minister for education Batt O’Keeffe when he claimed that the State had no duty to inspect or regulate Magdalene laundries.

While the State did not fund these institutions, it is unarguable that the legal duty to inspect and regulate them as factories did exist.

Section 84 of the Act was headed “Institutions”, and clearly laid out that all such entities were covered by the legislation once “any manual labour is exercised in or incidental to the making, altering, repairing, ornamenting, finishing, washing, cleaning, or adapting for sale, of articles not intended for the use of the institution”.

Speaking in the Dáil in May 1955, the then minister for industry and commerce William Norton stated that “once you wash clothes in the institution, not for the institution, then that is a factory. In other words, you have a right to wash clothes for the institution, but if you start to wash other people’s clothes it is a factory, for the purpose of section 84.” The Justice for Magdalenes group has highlighted other connections between the State and the laundries, particularly in the way they were used for women on probation and remand, and indeed for children (up to 70 in 1970) transferred directly from the industrial schools.

However, there are also other factors to be considered by Government when deliberating on the issue of an apology to and redress for the survivors of the laundries. Any wider examination of the social dynamics surrounding these institutions will show many women were put in by their families who refused to take them back. Many others used them as a threat to keep young women under control.

Society now clearly recognises that what happened to the victims of this system was wrong. The only way this can be formally expressed is through a State apology. Any Government with the courage to act on this will receive nothing but praise.

zondag, juni 19, 2011



Ottmar Hörl

Bert Smeerts, Mea Culpa eerste klas fielt.

Wie van de 3 : Hoewel relatief kortstondig van duur was het onderzoek zeker niet minder diepgaand en de conclussie dan ook dienovereenkomstig verrassend.


Nieuwsuur 4 - 12 -2010 Professor Lindenbergh 07.25

"Maandag 20 juni a.s.om 13.30 zal het rapport van Prof.Mr. Siewert Lindenbergh worden gepubliceerd. Het rapport zal direct online beschikbaar zijn en de heer Lindenbergh zal ‘s-avonds in Nieuwsuur aanschuiven."

bron

Of dat laatste correct is weet ik niet!
In de Deetman nieuwsbrief wordt 1 juli genoemd en ik vertik het om weet ik veel wat allemaal af te stropen op zoek naar snippertjes of vooraankondigingen van programma's, dat doe ik tenslotte met de wasmiddelen of aardbeiendoorlekcondooms met vleugeltjes ook niet.







zaterdag, juni 18, 2011

St William’s children’s home, Market Weighton, East Yorkshire, Priest’s secret past revealed. Alweer een De La Salle bedrijfsongevalletje

Hoeveel centimeter archiefplank zou 12 cubic feet in vredesnaam zijn?



















En dat is dan alleen nog maar door de tent zelf geschoond materiaal tot 1991.
Tel daar de meters dossier nog eens bij op die er sindsdien (wél en niet) geproduceerd zijn en je wordt ter plekke gelukkig met de gekte, dan wel enthousiast professioneel benul, die er toenemend in allerlei kringen in en rond archieven is waardoor steeds meer experimenten mogelijk worden. Vele handen maken licht werk start binnenkort....prachtig, prachtig, prachtig.
Je wordt, grote dank weer eens aan (een op te vissen)Bordalo er heel rustig door ook!



En begripvol voor een wegens te verwachtte grote drukte op zijn tenen wegsluipende bisschop.
Wie zit er tenslotte te wachten op een bedrijfsongevalletje?

Na zijn afscheid slechts voor genodigden heeft de man had het er in het NOS journaal open afscheid moeilijk mee bij de vraag of hij niet eerder had moeten ingrijpen ondat hij al eerder op de hoogte was congregatie vertaling van Simonis Wir haben es nicht gewußt te vinden. Gelukkig meende hij daartoe Deetman nog in de mijter te kunnen vinden, waardoor het voor de camera openlijke vertoon van zich rampzalig voelen over het seksueel misbruik ter plekke waarachies nog kon omslaan in slachtoffer van een dreigend "heel intervieuw over misbruik" waarin hij "uit zou moeten leggen hoe het dan zat" met een voor de camera gehouden Pilatushand.

Poef! Daar ging de van Luyn prijs voor jonge, gedreven studenten.

Zal z'n congregatie dan uitgerekend op een dag vol schone beloften vanuit Rome me daar effe blij mee zijn.

Fear them not therefore: for there is nothing covered, that shall not be revealed; and hid, that shall not be known.” citeerde een Noord Ierse overlever van AVoice4Victims Matheus.

Wat ben ik, alweer, blij dat ik ooit na veel werken en wéér zo'n walgelijk denigrerende opmerking van die non, die Voorzienigheids kinderboeken dichtsloeg, besloot dat 't wel genoeg was geweest en ze wat mij betreft harstikke dood kon vallen.

Een of andere hele boze wijsneus, een advocaat met veel roomse ervaring, zei mij zo'n tienduizend jaar terug ooit eens dat ze in Rome de tijd hadden en rekenen in tijdseenheden behorend bij de eeuwigheid.
Voldeed diens opmerking destijds volledig aan zijn doel -ik kreeg er inderdaad gierend de pest in - het is toch wel een in ieder geval wat mij betreft onverwachte bijwerking van al die smerigheid: die rollen zijn gewijzigd; zelfs een chimpansee ontdekt tenslotte gereedschap om een gewenste banaan te pakken.

Maar misschien nog wel veel blijer met mij ontdfekking nu, dat ik inderdaad nu niet eens meer uit mijn blote hoofd weet hoe deze zuster in hemelsnaam heette. Kennelijk is dát informatie die je op gegeven moment niet meer nodig hebt en dus ergens op een papiertje registreert en verder kunt wissen. Omdat eindelijk de taart, geëtste koppies en hun wapens er op die manier niet meer toe doen.
Rest die kers.

"En morgen wil ik blauwe aardappelen, blauwe groente en blauwe vla met blauwe yoghurt".
"Da's goed, schat."

Misschien maakte Bordalo daarom wel van die prachtige serviezen.
Niks geen dwangvoeding, hij vrat 't gewoon genietend en lachend op of gaf een tik tegen de theepottenkoppen waardoor ze bij het uitschenken mooi bibberen terwijl hij kreeg wat hij wilde: thee!
Ik ook.

Die Mattheus citerende N Ierse overlever die zou behalve gelovig ook wel 's een Bordalo fan kunnen zijn. Of misschien wel precies andersom...